Copyright © 2017 Mols Poëzie Atelier.be : Alle rechten voorbehouden

00001311
mpa

Klik op het logo om verder te gaan






Het Mols PoëzieAtelier beheert de PoëzieRoute langsheen de Nete. Dit gedichtenparcours maakt deel uit van de stadswandeling 'Spijkers met koppen' (brochure te verkrijgen bij de Dienst Toerisme). De PoëzieRoute wordt 4x per jaar vernieuwd. De langs het water opgestelde gedichten zijn ook hieronder te vinden.




route.jpg


tot straks


straks als de avond durft
komen de sterren loeren.

de dagwroetster gooit wat blokken in de haard
zij moeder de vrouw de fraaie bloem laat
de vlammetjes schuren.

de kleinste peutert het katje krabt
de ladderkousen hangen snel te drogen.

hij vader de man de vlotte hand
zegt grootse dingen met een wazig beeld.

straks als de sterren doven grijpt
zijn sleutel naast het gat.

zij het zachte vlees de zure room
nog wakker leest 'Oorlog en vrede'.

Annie Jansen



Naar boven

ik beet mijn lip kapot jij waste
grit uit mijn bebloede knieën
samen maakten wij ons hard

je hebt mijn groeipijn weggekust
tot ik het niet meer wilde
andere handen susten

je wordt steeds brozer mama
je valt de lange weg terug
het schrijnt opnieuw ons vel

het schrijnt nu ik je zo zie zitten
ik ben de juiste woorden kwijt
net als jij


Jacqueline


Naar boven

Grootmoeder


Terwijl zij vrolijk door haar verleden fietst
houdt zij in de kelders van haar geheugen
alles vers en fris.

Hoe haar huis een thuis was voor die bij haar
tijd kwamen maken. Noemt ze met naam en toenaam.
De geboortedag van de kleinkinderen,
ook hun verjaardagen kent ze uit het hoofd.

Fier op haar ringtone en dat ze nog alle dagen TV kijkt:
het normaal vindt dat de rook van die bosbrand
tot in haar zetel te ruiken was. Maar waar
al dat volk blijft wanneer ze hem uitzet?


Paul Sannen



Naar boven

2 11 spel van blaren


blaren vallen
ritselen samen
ritsen takken bloot
rollen een tapijt
van bladen uit

zij vormen
een vermiljoenen lint
dat slingert langs straten
dat stil en zacht
de kerkhoven toe bedekt en


op allerzielen
zijn de graven schoon
rein en zuiver
onbedekt onbevlekt
zonder smet of blad

doden
bladeren niet
verstrooien zich niet

doden verblijven
begraven en
voor lang verlaten


Walter Luyten



Naar boven

trompet

toen hij een blik wierp
op het instrument
waar hij zojuist de laatste
hand aan had gelegd

stamelde adolphe sax perplex
je me suis trompé


Jan Booy


oordeel

wat onhandig met het scheermes
schoor de schilder plompverloren
van zijn oren één doormidden
voor zijn voeten lag het brokstuk

verschrikt stelde hij vast
dit is mijn oordeel


Jan Booy



Naar boven

Uitzicht


De avond valt over de bomen
wier kruinen ook onder het donkerste
donker van de wolken zichtbaar blijven.

Ooit slingerde tussen die bomen een
kinderfiets zich wervelend door lentedagen,
stoer en onbevreesd als de helden met hun helmen.

Later konden kleuters, ook de zijne, er een
schaduwrijk en beschut onderkomen vinden,
veilig, even nog afzijdig van de grote wereld.

De avond valt nu over die bomen
en hij is blij dat onder de donkere wolken
hun kruinen voor hem nog zichtbaar blijven.


Jos Deckx



Naar boven

't Wordt avond...


In de stilte van het heilzaam heem
vingerstrelend met de lucht
dwaalt hij over 't klamme Kempenzand,
hij kauwt op tastende woorden,
stilte zingt aan de binnenkant
't verlangen naar een helend verband.

Ongezien derhalve onbegrepen in verholen diepten
waar levensdagen melden: 't wordt avond...
Onzeker elke ruimte binnenin,
snel lijnt de pen een andere regel
om nieuwe dagen te verwoorden
met vogels ongekooid boven graan en wind.

Zijn blik op uitslaande wieken,
de meeuw zeilend hemelhoog,
in de ban van de tover
mateloos de droom het leven te lengen,
omringd door het lachend lover
zingt hij sprakeloos een schallend lied.

En thuis in zijn hof vol vogelleven
plant hij in de late herfst
een perenboom, een kerselaar,
legt kaphout voor zijn vrouwtje klaar.

René Cuypers


Naar boven

aan mijn onvoltooide zoon


vergeef me mijn schrijven
in jouw geheime dagboek
iemand moet de bladen blijven
vullen tegen het vergeten in

blauw was de nacht
waarin jij werd geboren
vol van onvermoede kleuren
elke dag die later kwam

van waggelkind werd jij toch
diegene die alles zoveel beter kon
tot ik je plots weer dragen moest
jouw leven voorbij het mijne

in woorden van herinnering
zal ik blijven lopen en wedden
dat ik voortaan met een traan-
lengte voorsprong van je win


paul vincent



Naar boven

dood van een …

aan de rand van moeder aarde
laat ik me met mijn geleider
meevoeren door de stroom
hoop dat ik de spanning volhoud

zolang er licht is
heb ik nog weerstand
maar de volgende fase
zal me dimmen tot nul

ik besef met een schok
dat met deze frequentie
snel de stoppen zullen doorslaan

ik trek daarom de stekker eruit

yoob



Naar boven



welkom in het land van ooit

ooit was ik je kleindochter

ooit word ook ik grootmoeder

misschien

nu je blik je stap niet meer stuurt

nu je hand je taal niet meer spreekt

neem me mee naar het ooit

waar jij rust zit te zoeken

laat me zien in welk ooit

ik jouw vrede kan vinden

Uit de cyclus Dementie

Wivine Vanmechelen


Naar boven

Copyright © 2017 Mols Poëzie Atelier.be : Alle rechten voorbehouden